La Galette des Rois

 Een (Drie)koningentaart is een taart die gebakken wordt naar aanleiding van het Driekoningenfeest. In de taart wordt een voorwerp (een boon – fève – of een porseleinen beeldje) verstopt en de persoon die het terugvindt in zijn stuk taart is die dag “koning(in)” en mag een kroon dragen.

De Driekoningentaart is gemaakt van bladerdeeg met amandelvullig en ligt vaak al vanaf begin november in de winkel tot eind januari. Zelf maken is allerminst moeilijk. En misschien wel lekkerder.

Dit heb je nodig
2 rollen bladerdeeg (of 8 plakjes)
100 gram amandelpoeder
75 gram suiker
1 ei
1 eierdooier
50 gram zachte boter
3 eetlepels crème fraîche
3 eetlepels amaretto
1 zoetzure appel
1 boon of muntstuk

Zo maak je het
Bekleed een bakvorm met de eerste rol bladerdeeg, of plak vier plakjes aan elkaar en bekleed daar de bakvorm mee (eerst de vorm invetten, of het bakpapier onder het deeg laten zitten). Prik het deeg over de hele bodem in met een vork.

Klop het ei los en meng alle ingrediënten (behalve die extra eierdooier en de appel) in een kom door elkaar en verdeel het mengsel over het bladerdeeg. Verstop er ergens (niet in het midden, dan weet iedereen meteen waar ie zit) de boon of het muntstuk in.

Verwarm de oven voor op 210 graden.

Schil de appel, haal het klokhuis eruit en snij ‘m in flinterdunne partjes.
Verdeel de appelpartjes over de vulling.

Drapeer de tweede rol bladerdeeg (of de overige vier plakjes) over de vulling, druk de zijkanten goed aan, en bestrijk het oppervlak ruimhartig met eierdooier voor een mooi bruin korstje straks. Prik met een vork wat gaatjes in de bovenkant, anders zwelt/ploft de boel tijdens het bakken.

Laat de galette in het midden van de voorverwarmde oven in ongeveer een half uur gaar en goudbruin worden. Maar er mag best een minuutje of tien bij indien nodig.